Cole Willem

1957, Gent

Kunstwerken


Hoewel de inspiratiebronnen, de gebruikte methode, de vormen en de onderwerpen in het werk van de Gentse kunstenaar Willem Cole op het eerste gezicht vrij eenvoudig lijken, is zijn oeuvre toch niet eenduidig te beschouwen en te categoriseren. Vertrekkend vanuit een mengeling van wetenschap en schilderkunst maakt Cole portretten van vrienden en familieleden. De werken zijn niet louter schilderkunst, maar kunnen evenmin gedefinieerd worden als sculptuur, installatie. Met een zo uitgepuurd en zuiver mogelijk resultaat voor ogen vermengt hij genres en media. Hij maakt de berekening van het soortelijk gewicht van mensen uit zijn omgeving en neemt hiervan het volume. Deze volumes worden gemaakt in een bepaald materiaal en zo tentoongesteld. Het oeuvre van Cole is uitgepuurd, de esthetische kracht zit in de strakheid van de vorm, in het universele van de abstractie.

De vormentaal van Cole komt echter niet uit het niets. Hij startte als leerling - en later als assistent - bij Dan Van Severen. De beeldtaal van deze oudere schilder is subtiel op de achtergrond aanwezig bij Cole. In zijn eerste werken, toen hij nog studeerde, was het onderwerp van zijn werk ‘de ruimte’. Hij keek de kamer rond en schilderde de volledige ruimte op het tweedimensionale canvas. Algauw kwam hij uit bij een volledig zwart vlak. Hoewel het principe om tot abstractie te komen vrij eenvoudig lijkt, speelt hier een vrij complexe analyse van ‘de blik’ en ‘het zien’. Hij wil zoveel mogelijk afstand nemen van de virtuoze schilderkunst om de eigenheid van het medium, een tweedimensionale werkelijkheid, te beklemtonen, dit zonder te verglijden in een naïeve, kinderlijke of expressionistische stijl. Hij put hiervoor zowel uit de traditie van de geometrische abstractie als uit de positieve wetenschappen. Door een studie van de blik komt hij tot enkele eenvoudige conclusies die tot op de dag van vandaag zijn oeuvre bepalen. Een eerste vaststelling die Cole deed was dat het blikveld van het oog 200 graden is. Boeiend hierbij is dat het niet enkel gaat om hetgeen letterlijk kan gezien worden maar dat de grens tussen de empirische waarneming en de schemerzone die in diezelfde hoek vervat ligt opgegeven wordt. Voor het ‘gevoel’ dat je kan hebben van iemands aanwezigheid achter je is, zonder directe waarneming van de vorm, het oog verantwoordelijk.

Het vroege oeuvre van Willem Cole speelt vooral hierop in. In strakke geometrische vormen onderzoekt, beschrijft en stelt Cole tegelijkertijd vragen naar de manier waarop de wereld waargenomen wordt. De geknakte lijn, in een hoek van 200 graden, is een constant element in deze periode. Waar de menselijke figuur, die toch steeds het hoofdonderwerp uitmaakt van zijn kunst, in zijn eerste werken hoofdzakelijk suggestief aanwezig is in het beklemtonen van ‘de blik’, evolueert het oeuvre van Cole stilaan naar een onderzoek van de volledige menselijke figuur. Vanuit de blik en de waarneming wordt hij meer en meer aangetrokken tot de manier waarop mensen de ruimte innemen en bepalen. Deze evolutie gaat gepaard met zijn ontdekking van de schilderkunst van Piero della Francesca. Vooral de Madonna del Parto inspireert hem. Op een puur wetenschappelijke manier weet della Franscesca een bijna perfect evenwicht te bereiken tussen emotie, kleur, vorm en ruimtelijkheid. Vanaf dat moment gaat Cole hoofdzakelijk mensen portretteren. Waar de vorm in zijn vroeger werk dominant was, gaat vanaf de reeks 'Je vous donne des couleurs' de kleur een meer belangrijke plaats gaan innemen. Interessant in dit recente werk is het samenspel tussen wetenschap en intuïtie. De volumes zijn wetenschappelijk bepaald aan de hand van het lichaamsgewicht. De vorm van het volume is compositorisch wiskundig bepaald en de kleur is louter intuïtief. Ondanks de verregaande abstractie en uiterlijke koelheid blijft het antropomorfe daardoor bijzonder voelbaar in zijn werk. De vormen zijn daarenboven verre van statisch en bevatten een subtiel spel van poëzie en verwijzingen. Zo refereert hij bijvoorbeeld in een portret van zijn zwangere echtgenote met de kleur van de Madonna del Parto terwijl de vorm van voren bekeken een perfect volume is en in profiel een lichte welving bevat. Andere werken zijn de zogenaamde groeiportretten die Cole maakt van zijn kinderen. Hij meet het volume van een bepaald moment en geeft dit weer in een doorzichtige plexi-plaat waarin de naam van het kind en de datum gegraveerd staan. Dit wordt tweejaarlijks herhaald waarbij de meest recente plaat bovenop de andere gemonteerd wordt. De datum en de naam worden telkens op dezelfde plaats gegraveerd zodat na verloop van tijd de naam leesbaar blijft maar de data een abstract en - letterlijk dan - gelaagde wirwar van tekens worden. Op die manier creëert Cole een spel van taal en beeld, van abstractie en anekdotiek. Door de negatie van virtuositeit en het maken van abstracte, monochrome volumes flirt Willem Cole voortdurend met de grens tussen kunst en design. Het persoonsgebondene dat zich zowel uit in zijn radicale keuze voor portretten als in het feit dat hij enkel mensen uit zijn directe leefwereld, vrienden en familie, afbeeldt doen zijn werk echter hierboven uitstijgen en geven er een unieke poëzie en beeldende kracht aan.

SMAK n.v. tentoonstelling "Portretten"